Gember is het kruid dat altijd op het juiste moment opduikt. Misselijk onderweg — gember. Ziek en rillerig — gember. Spieren pijnlijk na het sporten — gember. Het is een van de meest veelzijdige medicinale planten op aarde, en het staat al minstens vijfduizend jaar bovenaan de lijst van vertrouwde kruidenremedies.
Confucius at gember bij iedere maaltijd. Arabische handelaren introduceerden het in Europa in de Middeleeuwen, waar het zo kostbaar was dat een pond gember net zoveel waard was als een schaap. De traditionele Chinese geneeskunde, de Ayurveda en de Griekse geneeskunde gebruikten het allemaal — voor uiteenlopende klachten, maar met dezelfde overtuiging: gember werkt. Vandaag de dag bevestigt de wetenschap wat kruidengeneeskundigen altijd al wisten.
Wat is gember precies?
Gember (Zingiber officinale) is een tropische plant waarvan het ondergrondse wortelstok — de gemberwortel — het gebruikte deel is. De plant is van oorsprong afkomstig uit Zuidoost-Azië en wordt nu wereldwijd










